
Je grenzen aangeven is niet altijd makkelijk. Het om vraagt moed. En als je het dan toch doet en de ander respecteert jouw grenzen niet, kun je denken dat je hebt gefaald. En dat is niet waar. Mag ik je vertellen waarom?
Ik dacht vroeger dat ik niet goed was in het aangeven van mijn grenzen
Toen ik nog als chemisch technoloog werkte, had ik een collega die altijd net te dicht over me heen hing als hij iets met me wilde bespreken. Mijn bureau was in een hoek. Hij zette één arm op mijn bureau, de andere op mijn rugleuning en leunde naar me toe om naar mijn beeldscherm te kijken. Ik kon dan geen kant op. Het was een hele aardige collega, maar ik voelde me daar zeer ongemakkelijk bij. Een hele tijd durfde ik er niks over te zeggen. Als hij mijn kantoor binnenkwam, stond ik gauw op met een smoes dat ik iets moest regelen.
Ik was bang om voor mezelf op te komen bij mijn collega, want stel dat mijn kwetsbaarheid juist misbruikt zou worden?
Als hij wist wat ik niet leuk vind, kon hij het vaker doen, juist om me te pesten. Of stel dat hij het zou wegwuiven of me belachelijk zou maken? Zo van: ‘Vind je dat erg? Doe niet zo overdreven, hoor’. Machteloos voelde ik me.
Uiteindelijk heb ik mijn grens wel durven aangeven tijdens een training die we samen deden
Ik vertelde hem wat ik niet leuk vond tijdens een oefening feedback geven. Al mijn verwachtingen bleken niet te kloppen. Hij was heel blij dat ik het gezegd had. Hij leunde voorover mijn scherm goed te kunnen zien als we data aan het bespreken waren. Hij zei tegen me: ‘Ik wist het niet en ik ben heel blij dat je me het hebt gezegd. Want nu weet ik het en kan ik er wat aan doen’. Hij was oprecht dankbaar. Voortaan kwam hij naast me zitten als we samen data bekeken. En we hebben nog heel fijn samengewerkt.
Bij een leidinggevende vond ik het ook moeilijk om mijn grenzen aan te geven
Ik zat een keer met een leidinggevende in een projectbespreking toen de stroom uit viel. Ineens zaten we in het donker. Ik voelde me zeer ongemakkelijk en stond op om de luxaflex open te doen, zodat er zonlicht naar binnen kon. Hij wou dat niet. Ik zei dat ik het niet fijn vond om de bespreking zo in het donker te doen. Maar hij zei dat ik ze dicht moest laten. Toen wist ik het niet, maar nu weet ik dat ik op dat moment in de overlevingsstaat schoot.
Ik raakte in paniek, wist niet wat te doen en ging maar weer zitten
Ik weet niet hoe ik de bespreking heb afgemaakt. Er is verder niks gebeurd, hij heeft me niet aangeraakt en geen vervelende dingen gezegd. Maar vanaf dat moment voelde ik me niet veilig bij hem en vermeed ik het om met hem alleen in een ruimte te zijn.
Je zou kunnen zeggen dat het me bij mijn collega goed gelukt is om mijn grenzen te aan te geven en dat ik bij mijn leidinggevende gefaald heb
Want mijn collega luisterde naar me en respecteerde mijn grenzen (gelukt!), terwijl mijn leidinggevende mijn grenzen gewoon naast zich neer legde (gefaald!). Vroeger zou ik mezelf veroordelen als iemand mijn grenzen niet respecteerde, zo van: ‘Zie je wel, ik ben niks waard. Mensen zien me toch niet staan. Ze luisteren niet naar me.’ Ik zou boos op mezelf worden omdat ik het eerder, of luider, venijniger of more eloquently had moeten zeggen.
En dit klopt niet
Het klopt niet, omdat het gebaseerd is op de illusie dat ik het gedrag van een ander kan bepalen. En dat kan ik niet. Ik kan hooguit de ander uitnodigen om iets te veranderen. Hij/zij kiest zelf om daar wel of niet gehoor aan te geven.
Je kunt het gedrag van een ander niet bepalen. Je kun alleen je eigen gedrag bepalen
Het doel van je grenzen aangeven kan dus ook nooit zijn dat de ander je grenzen moet respecteren. Het is een mooie bonus, dat wel, the cherry on top. Maar het werkelijke doel van je grenzen aangeven totaal iets anders.
Het werkelijke doel van je grenzen aangeven is drievoudig:
#1: Je laat jezelf en de ander weten dat jij je eigen waarde kent en bereid bent om die te verdedigen. Ongeacht of het je lukt of niet
Alles wat waardevol is, is de moeite waard om te verdedigen. Jij dus ook. Dus vertrouw op je instinct en verdedig jezelf: met woorden hardop, of zacht; op dat moment of later; met je handelingen of met gebaren. Hoe je het precies doet maakt allemaal niet uit. Zolang je het maar doet. Ongeacht of anderen je gelijk geven of niet. Ongeacht of ze je begrijpen of niet. Laat jezelf duidelijk merken dat jij het met jezelf eens bent en dat je gaat staan voor jezelf.
Onthoud dat je je grenzen niet aangeeft voor de ander, maar voor jezelf. En jij bent het waard
En wees daarin standvastig. Geef je grenzen keer op keer aan, ook al heb je het al eerder gedaan. Ga er niet van uit dat mensen het binnen één keer begrijpen of met je mee willen werken. Soms hebben mensen tijd nodig om eraan te wennen en hun gedrag erop aan te passen. Dus doe als een papegaai en herhaal net zo vaak als nodig.
#2: Je grenzen aangeven helpt je om duidelijk onderscheid te maken tussen mensen die bereid zijn je grenzen te respecteren (veilige mensen) en mensen die dat niet zijn (onveilige mensen)
In mijn voorbeelden bleek de collega een hele fijne man op wie ik echt kon vertrouwen. De leidinggevende was dat duidelijk niet. Dit onderscheid maken is heel belangrijk.
Mensen vertellen je met hun gedrag wie ze zijn en of je ze kunt vertrouwen.
Ten derde: met deze informatie kun jij gerichte actie ondernemen om ervoor te zorgen dat je veilig bent, ook al werkt de ander niet mee
Dit is waar jij in je kracht gaat staan en jezelf gaat beschermen. Dat doe je door bijvoorbeeld afstand te houden/nemen van de mensen die je grenzen niet respecteren. Sommige mensen kun je gewoon uit je telefoon halen en blocken op social. Een blokje om lopen als je ze ergens tegenkomt.
Bij mensen die je niet kunt ontwijken, omdat je bijvoorbeeld nog met ze moet werken, blijf je je grenzen herhalen, als een papagaai. Ga op zoek naar manieren om een veilige afstand wel te bewaren tussen jou en deze persoon. Manieren om die situatie waarin je je niet veilig voelt te voorkomen. Zorg dat je niet, of niet alleen, in hun buurt hoeft te zijn. Leg vast wat er gebeurt. Zoek hulp en bespreek het met een vertrouwenspersoon, collega, of leidinggevende. Bottomline is: jij neemt verantwoordelijkheid voor je eigen veiligheid.
Toen ik snapte wat het doel mijn grenzen aangeven werkelijk is, merkte ik dat ik me in plaats van machteloos juist ontzettend krachtig ging voelen
Als een amazone die haar grenzen bewaakt. Het is mijn verantwoordelijkheid, and I’ll do a damned good job. For me. En Ik geef mijn grenzen aan op de manier waarop ik het kan op dat moment. En dat is voldoende. Wat jij daarmee doet is on you. Mijn evaluatie is begonnen en ik kies hoe verder te gaan aan de hand van jouw gedrag.
Vind jij het lastig om je grenzen aan te geven?
Ik bied je graag een gratis 1-op-1 coachgesprek van 30 minuten aan, in ruil voor 30 minuten waarin ik je een aantal vragen stel voor klantonderzoek. Tijd voor tijd, zeg maar. Lijkt dat je wel wat? Stuur me een mailtje met de titel: ‘Tijd’ voor meer informatie.
Tan bun,
Karina
